MiddleL
Europa

Het beleid ten aanzien van Europa is een duidelijk voorbeeld van het gebrek aan visie van de traditionele politieke partijen. Dat is niet van de laatste jaren, maar geldt eigenlijk al sinds het begin van de jaren negentig. Het gevolg is een onduidelijk beleid hetgeen resulteert in een Europese Unie waar weinigen zich nog in kunnen herkennen. Wilders heeft gelijk als hij stelt dat Europa te veel ongecontroleerde macht heeft. Alleen zijn analyse deugt niet en zijn oplossingen daardoor evenmin.

 

De Nederlandse bevolking is in het geheel niet zo anti-Europees als veel politici beweren. De meeste mensen zijn niet dom en begrijpen dat Europa ons veel welvaart en stabiliteit heeft gebracht. Er zijn evenwel twee problemen. Het eerste betreft de democratie en de controle op de macht. Het tweede, recenter manifest geworden, betreft de economie van de monetaire unie. Voor beide problemen is een consistente visie nodig en die ontbreekt.

 

Het gebrek aan democratie en controle op de macht was een belangrijke reden om in het referendum van 2005 de Europese Grondwet te verwerpen. Europa heeft in de loop van de tijd steeds meer bevoegdheden gekregen, maar de invloed van de burger daarop is afgenomen. Dat heeft te maken met de geleidelijke uitbreiding van de Unie. In een gemeenschap van zes lidstaten is het nog mogelijk de eigen inbreng van iedere lidstaat te herkennen en kan gezegd worden dat de burgers daar – indirect – nog invloed op uitoefenen. In een Unie van 27 lidstaten hebben kleinere lidstaten als Nederland nauwelijks meer invloed. De Haagse politiek heeft nagelaten dat tijdig in te zien, waardoor wij nu te maken hebben met een bureaucratisch gedrocht waar weinig grip op is.

 

De oplossing hiervoor is om meer directe invloed aan de burgers te geven op de Europese politiek. Wij moeten af van het Europa van de hoofdsteden – waar de regeringen om tafel zitten – en moeten toe naar het Europa van de burger. Hiervoor is in de eerste plaats noodzakelijk dat het Europees Parlement via Europese kieslijsten kan worden gekozen. Dat wil zeggen dat je bijvoorbeeld op een Europese sociaaldemocratische of een liberale of een conservatieve lijst kunt stemmen met kandidaten uit alle lidstaten. Als je één Europese lijsttrekker voor iedere lijst hebt, zal dat de herkenbaarheid van het Europees Parlement versterken: je weet immers wie de lijsttrekker is van de lijst waarop je gestemd hebt. Als het Parlement via Europese kieslijsten is gekozen kan ook de Europese Commissie op basis van het vertrouwen van het Parlement worden samengesteld. Het zal dan niet meer nodig zijn om van iedere lidstaat één Commissaris te benoemen, hetgeen nu tot een veel te grote en onherkenbare Commissie leidt[1].

 

Het tweede probleem betreft een weeffout in de monetaire unie. Bepaalde problemen zijn destijds niet onderkend. Het model dat wij tot nu toe hebben is een centraal monetair beleid – gevoerd door de ECB – en een decentraal economisch beleid. Op zich kan dat heel goed werken. Velen beweren echter dat een monetaire unie niet zonder een “politieke unie” kan werken, maar als je om argumenten vraagt die dat onderbouwen, blijft het tot nu toe altijd stil. Meer dan kretologie is het dus niet.

 

Wat wel om een oplossing vraagt is het gevaar dat in één of meer lidstaten de staatsschuld een onhoudbaar niveau krijgt, zoals dat met Griekenland het geval is. Daar zijn verschillende oplossingen voor: een centrale en decentrale. Tot nu toe is voor de centrale benadering gekozen: Brussel krijgt veel bevoegdheden om de begrotingen van de lidstaten te controleren en in sommige gevallen boetes op te leggen. Maar er is ook een decentrale benadering mogelijk, waarbij in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van de lidstaat zelf wordt benadrukt. Het zijn immers in de eerste plaats de burgers van de betreffende lidstaat die met de nadelen geconfronteerd worden wanneer de overheid insolvabel wordt. Denk aan alle salarisverlagingen en ontslagen in Griekenland. Om problemen zoals wij nu met een aantal lidstaten ervaren te voorkomen, kunnen zelfs mechanismen worden bedacht die de eigen verantwoordelijkheid van de lidstaten en de disciplinerende werking van de kapitaalmarkt versterken. Daarmee kan de vergaande bemoeienis van Brussel achterwege blijven.

 

De politiek heeft nu gekozen voor de centrale benadering: het afstaan van meer bevoegdheden aan Brussel, ook al beweert Mark Rutte ten onrechte dat dat niet het geval is. Dit heeft twee gevolgen. Ten eerste ondermijnt het afstaan van bevoegdheden aan een ongecontroleerd, bureaucratisch orgaan de democratie. Ten tweede is de norm zoals die nu afgesproken is veel te rigide. Dat manifesteert zich al direct dit jaar: in een neergaande conjuncturele cyclus is het onverstandig te bezuinigen, daarmee vererger je juist de problemen.

 

Alle politiek partijen hebben de afgelopen twee decennia nagelaten een visie op Europa te formuleren. Dat geldt uiteraard voor de meer Eurosceptische partijen zoals de PVV, maar dat geldt ook voor de zich pro-Europees noemende D66. D66 zegt nu ongenuanceerd “Europa ja” maar negeert daarbij de problemen die de burgers terecht hebben met de wijze waarop Europa nu functioneert. D66 was bovendien bij uitstek de partij die de mogelijkheid had om wel tijdig een visie te formuleren. Hans van Mierlo was immers Minister van Buitenlandse Zaken toen het Verdrag van Amsterdam werd gesloten (1997) en was tevens afgevaardigde namens Nederland in de Conventie die de Europese Grondwet – en dus het huidige Verdrag van Lissabon – heeft opgesteld.

 

Ondertussen lijkt het nu alsof Europa alleen tussen twee kwaden kan kiezen: ofwel vergaande overdracht van bevoegdheden ofwel chaos en desintegratie. Dit is een verkeerde voorstelling van zaken: er zijn andere oplossingen denkbaar. Oplossingen die beter passen bij het wezen van de Europese Unie: een supranationaal verband van soevereine lidstaten.  

 


[1] Voor een verdere uitwerking van deze gedachte zie: ‘Voor Europa, tegen deze Grondwet’ (2005) of hoofdstuk 2 uit 'Europa kan anders!' (2009)


   

MiddleR
BottomL BottomM BottomR
Copyright 2013 Liberaal Democratische Partij